Groen beleid ligt in Utrecht bij twee wethouders: wethouder groen en wethouder openbare ruimte. Is die versnippering nodig, wenselijk? Stelling 4 in het Wilde Stadscafé Verkiezingsdebat gaat over de vraag of een superwethouder Groen een eind kan maken aan die versnippering.
Het Wilde Stadscafé Verkiezingsdebat werd georganiseerd op 25 februari door GroenmoetjeDoen!, Utrecht Natuurlijk, Milieudefensie Utrecht en Milieucentrum Utrecht en vond plaats in de bibliotheek Neude.
Inleider van het debat is Joyce Parlevliet van het Wilde Stadscafé zelf en verder van onder meer Groenmoetjedoen! Zij legt uit dat door die twee wethouders beleid en uitvoering vaak niet consistent zijn.
De ideeën en beleid van de stadsecologen worden niet geëffectueerd naar beneden toe, naar stadsbedrijven en wijkonderhoud, stelt Parlevliet. “Het uiteindelijke resultaat is dat er minder biodiversiteit optreedt. Ik denk echt dat het beter wordt als de lijn naar beneden door één iemand beheerd wordt.” Als voorbeelden noemt Parlevliet de huidige onduidelijkheid over egelsnelweg en de bomen die volgens beleid stonden gepland, maar in de uitvoering helemaal niet mogelijk bleken te zijn door ondergrondse leidingen.
Moderator Elisabeth van den Hoogen legt de splitsing voor aan D66-kandidaat-raadslid Jos de Fuijk, die antwoordt het eigenlijk ook niet te begrijpen. “Als je de deur uit stapt, is het ‘openbare ruimte’ en in het gras is het ‘groen’. Waarom knip je dat op? Iedereen hier voelt dat dat gek is.”
VVD-raadslid (geen kandidaat bij de komende verkiezingen) Marijn de Pagter kan er ook niet mee overweg. “Als we in de gemeenteraad een debat hebben over iets in de openbare ruimte of groen, dan komen er soms twee wethouders aan of soms komt er één en blijk je toch de vragen aan de andere te moeten stellen. Dus dat is niet handig. Het moet gewoon bij één wethouder worden belegd. (…) Het is gewoon goed om groen en openbare ruimte bij één wethouder te beleggen zodat die echt goed kan sturen op groen beleid.”

Marina Slijkerman van het CDA zegt dat één groene wethouder letterlijk in haar verkiezingsprogramma staat. Bij het CDA herkennen ze de signalen, aldus Slijkerman. “Het zelfbeheertegeltje naast mijn geveltuin en plantvak wordt soms niet gezien en hup, daar wordt alles weer weggemaaid. Geen idee waarom. En als je belt, raak je verstrikt in het telefooncircuit van de gemeente, of bij een wijkbureau of bij de vele mensen die over groen gaan. Iets meer aansturing en coördinatie zou heel fijn zijn.” Het zou volgens Slijkerman óók fijn zijn als de voormannen eens wat vaker in gesprek gaan met de ecologen over de idealen en de visie en wat werkt er in de praktijk.
De Pagter vraagt vervolgens aan Linda Voortman, lijsttrekker van GL-PvdA en huidig wethouder groen, of zij superwethouder is. “Dat mag jij vinden”, lacht Voortman. Maar zij laat zich er niet echt over uit. Wel benadrukt Voortman dat er bij het plannen voor groen, bij mobiliteit, openbare ruimte, woningbouw altijd een ecoloog of andere mensen met groene expertise aan tafel moeten zitten. Dat is volgens Voortman nu niet het geval.

Voortman: “Nu is het zo dat er niet altijd vanaf het begin een ecoloog aan tafel zit, en dan komt het bij ons en dan moeten wij dat weer repareren. Dus je moet het vanaf het begin goed borgen. Als het gaat om mobiliteit dan hebben we veel meer ambtenaren, waarom zouden we niet net zo veel ambtenaren voor groen hebben?”
Moderator Van den Boomen: “Linda, wil jij superwethouder groen worden?”
Voortman: “Ja, dat zou ik heel graag willen. Om er inderdaad voor te zorgen dat die samenwerking beter gaat. Het belangerijkste is dat GroenLinks-PvdA de grootste wordt zodat er ook genoeg geld komt zodat het groen ook meegroeit met de stad.”
Lees ook:
Het Wilde Stadscafé Verkiezingsdebat: biodiversiteit
Het Wilde Stadscafé Verkiezingsdebat: bouwen
Het Wilde Stadscafé Verkiezingsdebat: zelfbeheer
Tekst en foto’s: Harrie van Veen. Video: Bibliotheek Utrecht.



Wilde Stadscafé Verkiezingsdebat: biodiversiteit